Een reflectie over het gezamenlijke EU-witboek over defensie gereedheid 2030
Het onlangs gepubliceerde gezamenlijke witboek van de EU over de Europese defensie gereedheid 2030 is tweeëntwintig pagina’s lang en erkent nergens dat wapens mensen doden. In de eerste alinea staat: ‘De enige manier om vrede te garanderen, is door de bereidheid te hebben om degenen af te schrikken die ons kwaad willen doen.’ Dit betekent dat ‘een enorme toename van de Europese defensie-uitgaven nodig is.’ Welke andere opties werden onderzocht? Wat waren hun voor- en nadelen? Wat zijn de voor- en nadelen van het opvoeren van de defensie productie en het gemakkelijker maken om wapens te kopen en verkopen? Dit document vertelt ons dat niet. En het lijkt onwaarschijnlijk dat andere opties werden onderzocht, omdat het dominante verhaal dat meer wapens ons veiliger maken, op zeldzame uitzonderingen na, is verankerd in de retoriek van de Raad, de Commissie en het Parlement.
Volgens het document ‘is de rest van de wereld verwikkeld in een race naar militaire modernisering en technologisch en economisch voordeel.’ Is dat zo? Veel delen van de wereld moeten hun energie richten op de effecten van klimaatverandering op gemeenschappen en infrastructuur om duurzame levensomstandigheden te garanderen. Sommige delen van de wereld richten zich op herstel van gewelddadige conflicten of vragen om financiering om alternatieve energiebronnen aan te boren en te investeren in koolstofarme industrieën. De risico’s rond de klimaat- en milieucrisis worden nauwelijks erkend in het document, behalve waar het de defensie capaciteiten zou kunnen bedreigen of meer migratie zou kunnen veroorzaken. In de EU zelf toonde de EU Barometer van maart 2025 aan dat meer dan 40% van de EU-burgers zich zorgen maakt over inflatie, stijgende kosten en hun levensonderhoud.
Het bedrag van 800 miljard extra voor defensie wordt vaak genoemd in de media. In werkelijkheid is een groot deel van de voorgestelde nieuwe financiering afhankelijk van de bereidheid van lidstaten om hun uitgaven te verhogen of de particuliere sector om leningen te verstrekken. Processen en procedures moeten nog worden overeengekomen en operationeel worden gemaakt. Het deels hypothetische karakter van deze maatregelen maakt ze niet minder problematisch, wanneer het argument van bezuinigingen opnieuw is gebruikt om de overheidsuitgaven voor gezondheidszorg, pensioenen of onderwijs te verminderen.

Het document stelt ook een aantal initiatieven voor om het voor Europese wapenbedrijven gemakkelijker te maken om geld te lenen en wapens te verkopen. De wapenindustrie beweert dat het gebrek aan capaciteit om munitie te leveren aan Oekraïne te wijten is aan de onbetrouwbaarheid van de vraag op de lange termijn. De industrie heeft ook geprotesteerd dat ze oneerlijk wordt behandeld door de Europese Investeringsbank en andere kredietverstrekkers omdat ze niet voldoet aan de duurzaamheids- en ethische criteria voor leningen. De EU stelt nu voor dat lidstaten zich moeten committeren aan het kopen van wapens op de lange termijn en dat duurzaamheids- en ethische criteria moeten worden afgezwakt om wapenfabrikanten in staat te stellen gemakkelijker te lenen. Hoewel dit de wapenindustrie ten goede zal komen, is het minder duidelijk hoe het Europeanen ten goede zal komen of zal bijdragen aan vrede.
Steeds meer geld uitgeven op de korte en lange termijn aan wapens, zal geld wegleiden van uitgaven om de effecten van de klimaatcrisis te verzachten en zich eraan aan te passen. Het zal moeilijker worden om geld te vinden voor huisvesting en sociale zorg. Het produceren van meer wapens brengt hoge kosten met zich mee en een grote afhankelijkheid van kritieke grondstoffen en extractivisme, waardoor bestaansmiddelen, ecosystemen en levens buiten de EU-grenzen in gevaar komen. Het grootste deel van de winst zal in handen van aandeelhouders terechtkomen. En als uiteindelijk niet alle geproduceerde wapens door EU-lidstaten worden gekocht? Dan gaan ze ergens anders heen en worden ze, met minder regelgeving, waarschijnlijk verkocht aan landen met een slechte reputatie op het gebied van mensenrechten en veroorzaken ze meer conflicten. In het document wordt niet gesproken over de noodzaak van rigoureus toezicht op de wapenhandel, wat nodig zou zijn om dit te voorkomen.
QCEA zou graag een behoorlijke consultatie over deze voorstellen zien, met inbegrip van een grondige risicoanalyse van de voorgestelde maatregelen, waaronder de impact op het milieu, de effecten op de uitgaven aan sociale voorzieningen, huisvesting en andere gebieden en de mogelijkheid dat wapens in handen komen van degenen die mensenrechtenschendingen plegen of betrokken zijn bij criminele activiteiten. Hoe zullen de EU en haar lidstaten democratisch toezicht op de veiligheidssector waarborgen? Er zou ook een onderzoek moeten worden gedaan naar de mogelijke langetermijneffecten (zowel in de EU als wereldwijd) van een militaire reactie op waargenomen externe bedreigingen voor de EU. Wat zullen de effecten zijn op kinderen die opgroeien in een meer gemilitariseerde samenleving? Hoe zal de productie en opslag van militair materieel ons milieu en onze veiligheid beïnvloeden? Hoe zullen we door anderen worden gezien en hoe zullen zij reageren?

We willen ook graag zien hoe de EU voorstelt om te investeren in het aanpakken van de grondoorzaken van oorlog en het koesteren van positieve vrede in landen binnen en buiten de EU. Dit zou een wederopbouw van Oekraïne na de oorlog moeten omvatten die trauma aanpakt en sociale cohesie opbouwt, steun voor degenen die werken voor vrede in landen die conflicten veroorzaken en erdoor worden getroffen, evenals investeringen in vredeseducatie en alternatieven voor geweld. Het vereist langetermijninvesteringen in diplomatie, vredesopbouw en overgangsjustitie, een erkenning dat de crises waarmee we worden geconfronteerd wereldwijde oplossingen vereisen. Dit is moeilijk in een wereld waarin sommige landen agressief hun eigen belangen nastreven, maar als de EU echt om de veiligheid van haar burgers geeft, moet ze er zeker van zijn dat ze de langetermijneffecten van haar beslissingen begrijpt en werken aan wereldwijde samenwerking om de meervoudige crises waarmee we worden geconfronteerd aan te pakken.
Auteur: Tracey Martin, directrice QCEA (www.QCEA.ORG)
Vertaler: Peter van Leeuwen , VVQREA

Plaats een reactie